Publish 3 – 2018

14.00

Categorie:

Beschrijving

Stil maar, wacht maar, alles wordt nieuw…

Als je maar lang genoeg wacht, wordt alles weer actueel. Zo meldde Uitgeverij De Buitenkant zich onlangs met een nieuw boekje van typo-expert Mathieu Lommen: ‘Nederlandse belettering. Twintigste-eeuwse modelboeken’. Jonge ontwerpers hebben opeens weer geweldig veel belangstelling voor de gedrukte modelboeken over letterschilderen en kalligrafie uit de vorige eeuw.

De modelboeken worden door hen verzameld en afbeeldingen eruit zijn volop gedeeld op social media. Omdat de belangstelling ervoor aan het eind van die eeuw danig was verflauwd en traditionele huizen van bewaring als musea, bibliotheken en archieven er ook geen belangstelling voor hadden, zijn veel van die modelboeken verdwenen. Lommen is gaan zoeken en biedt in zijn boekje een mooi overzicht van de titels die hij gevonden heeft en een ruime selectie van beeldmateriaal. Inspirerend, dat ouwe spul. Je zou wensen dat met de terugkeer van de elpee en het cassettebandje ook de geschilderde reclameletters weer op de etalageruiten zouden verschijnen.

Papierschaarste, ook zoiets. Daarbij denk je toch aan de Tweede Wereldoorlog en de jaren kort daarna. Papierschaarste dus als gevolg van algemene schaarste. Hoe kan het dan dat dit fenomeen zich voordoet in goede economische tijden? ‘Het papier was op’, meldde Philip Remarque, hoofdredacteur van de Volkskrant onlangs, om uit te leggen waarom een vaste bijlage opeens op ander papier verscheen.

Het deed me denken aan een gesprek dat ik een jaar of tien geleden voerde met Georgine Calkoen, hoofd van het papierlaboratorium van de helaas verdwenen groothandel Proost en Brandt. Zij liet me zien hoe vindingrijk mensen worden als papier schaars is: ze toonde rietsuikerpapier uit Cuba, rijstpapier uit Thailand, manillapapier uit Noord-Afrika, aardappelloofpapier uit Noord-Duitsland…’. Elk materiaal met een vezelstructuur kan dienen als grondstof voor papier, een beetje vindingrijkheid volstaat. In een tijd van schaarste natuurlijk, want je gaat hiermee niet experimenteren als er geen directe noodzaak toe bestaat. Om dus in tijden van voorspoed met een papiertekort geconfronteerd te worden, moet je wel heel weinig vindingrijk zijn. Papierexpert Dick Gaasbeek denkt er het zijne van en vermoedt in deze van communicatie bol staande tijden juist daaraan een tekort.

Van alle tijden echter – dus zowel in voor- als tegenspoed – is de kwestie: ‘Wat is nu eigenlijk de waarde van creativiteit en design? En hoe vertalen we dat naar een vruchtbare samenwerking tussen ontwerper en opdrachtgever?’. De BNO organiseerde er onlangs weer een bijeenkomst over waar beide partijen aanwezig waren en waarvan illustrator Anne Stalinski een prachtig visueel verslag maakte: ‘De klant is koning’. Grappig om te zien dat er onder sprekers en gehoor ook mensen waren die ‘van alle tijden’ waren. Hoe lang je ook meedoet, hoe oud je ook wordt, je kunt hier altijd opnieuw over praten. Het zal dus de laatste bijeenkomst niet zijn over dit immer actuele onderwerp. Iemand zou alleen eens na moeten gaan of de antwoorden op die vragen in de loop van de tijd ook zijn veranderd. Ik heb er wel een idee over…